Alles kwam driedubbel samen die dag

30 maart 16:12

In de rubriek ‘Op de munitiekist’ zet het Veteraneninstituut iedere maand iemand in de spotlight die zich vrijwillig inzet voor veteranen. Deze maand is dat Jaap Krikke, de vrijwilliger die geen nee kan zeggen. Een Nieuw Guinea-veteraan waaraan je een maat voor het leven hebt. Een levensgenieter die klaar staat als het moeilijk wordt.

Woonplaats: Assen
Leeftijd: “Zeg maar: geboren in 1942; dat klinkt veel beter.”

Vrijwilligersfunctie(s): teveel om op te noemen. Nu vooral druk met de organisatie van de Drentse Veteranendag.

Sinds: 2007

Als ik 10.000 euro subsidie zou krijgen…dan besteed ik die aan de Oorlogsgravenstichting, vanwege het geweldig goede werk dat ze doen.

Dit zou ik willen verbeteren in ‘veteranenland’: meer vrouwen op leidinggevende functies.

Hoe ben je hier ingerold?

Toen ik nog met hart en ziel in het onderwijs werkte, vreesde ik wel eens het ‘gat’ na mijn pensioen. Achteraf onterecht. Naast mijn werk had ik allerlei bezigheden. Zo was ik ook al lid van het Contact Oud Mariniers (COM). In verhouding met de andere leden was ik nog een ‘jonkie’. En van het een komt dan het ander: ledenvergadering, bestuursleden tekort, dus oppakken. Na een bezoek aan een andere vereniging, hoorde ik al snel: ‘Jaap, wil jij niet…’.

Nee zeggen, kan ik maar moeilijk. Dus begon ik als secretaris bij VOMI Drenthe/Groningen, onderafdeling Assen. Ook organiseerde ik samen met een maatje tien keer de 4-mei herdenking voor de Indië-veteranen. Ik ben verder actief bij de V.O.K.S. Best bijzonder, want ik heb als marinier niet in Indië of Korea gediend. Het zijn fantastische mensen. Geen gemor onderling. En het is geweldig werk. Echt een feest.

Waar ben je verder nog bij betrokken?

Het regelen van onderdak en voeding voor voornamelijk oud-mariniers tijdens de Nijmeegse Vierdaagse. De ledenadministratie voor VOMI-Binnenland. Verder ‘Lief en Leed’ bij het COM. Iemand ziek? Dan bel ik even of je gaat langs met een fruitmand. En als het moet, een uitvaart begeleiden. Dat is toch wel de grootste eer: door de familie gevraagd worden. Zwaar dat wel. Zeker als het je eigen opleidingsofficier betreft…

Op dit moment help ik ook een Indië-veteraan. Hij heeft veel last van het gat in zijn geheugen. Waar, wanneer en met wie? Hij is een heel stuk kwijt en raakt daarvan overstuur. Ik ga dan langs. Eerst gewoon praatje-pot. Maar al snel hoor je meer. Daarna duik ik in de boeken op zoek naar aanknopingspunten. Die man moet geholpen worden en ik rust niet voordat ik zijn verhaal compleet heb.

Is het niet een beetje uit de hand gelopen?

Misschien wel, ja. Er zijn ook andere dingen om van te genieten. Mijn kinderen en kleinkinderen. Wandelen, genealogie, met mijn vrouw naar De Nacht van de Muziek. Langzaam maar zeker moet ik toch nee leren zeggen. Adviseren prima, maar ik pak geen nieuwe dingen meer op.

In de munitiekist: welke speciale herinnering wil je achterlaten?

Mag het ook een repatkist zijn? Alle gekheid op een stokje: ik kies voor *23 augustus 2017. Toen liep ik mee in de erewacht tijdens de commando-overdracht van het Korps Mariniers. Na zoveel jaren was ik terug op de Van Ghentkazerne waar ik 9 maanden in opleiding was. Terug ook in mijn stad. En de nieuwe commandant was de zoon van de korporaal waaronder ik in Nieuw Guinea had gediend. Dan gaan er heel wat gedachten door je heen hoor. Alles kwam driedubbel samen die dag.

Op de munitiekist: heb je nog een speciale boodschap?

Wij veteranen zijn met elkaar verbonden. Nu en voor altijd. Het maakt niet uit waar je gediend hebt of welke kleur baret je draagt. We spreken dezelfde taal. Wat er ook gebeurt: je moet naast, voor en achter elkaar staan. ‘Pas altijd op je maatje en houd iedereen binnenboord’. Dat leerde ik al vroeg tijdens mijn opleiding. Het is altijd mijn levensmotto gebleven.