EXPOSITIE WAARACHTIG 80!

13 april 9:41

Het DSG telt een zestal gerenommeerde kunstenaars, die al heel lang lid zijn en nu de leeftijd van 80 of meer hebben bereikt. Tijd om hen eens in een mooie expositie uit te lichten.

Mariet Schedler(1935), lid sinds 1986, organiseerde in 2006 een project rond kinderen, die duizend jaar geleden rond Vries een vroege dood vonden. Het resultaat was een verzameling van 153 kinderkistjes om deze kinderen een plaats in de tijd te geven. Maakte veel vazen en schalen met de raku-techniek. Vindt schroot, glas en stenen op afvalhopen en maakt daarmee abstracte figuren of beplakt panelen uit oude deuren met foto’s. “Met een deur kun je het leven van twee kanten bekijken.”

Bart Pots(1925), lid sinds 1964. Hij is ons op 16 maart ontvallen, maar wij eren hem met zijn werk op deze expositie. Hij woonde met zijn Zweedse vrouw sinds zijn pensionering op Öland, een eiland in de Oostzee. Hij was lang tekenleraar aan de RHBS/MMS in Assen en aan de lerarenopleiding Ubbo Emmius. In 2013 ontving hij de Zweedse kunstenaarsprijs van de Uddenberg-Nordingska Stichting. Ruimte en beperking, weggaan en thuiskomen, vrijheid en dreiging in één beeld gevangen, dat vind je steeds terug in zijn werk. “Eigenlijk ben ik een verhalenverteller, ik vertel mijn verhalen met schilderijen.”

Kees Thijn(1933), lid sinds 1974. Zijn stillevens, portretten en onderwerpen toonden in zijn beginjaren een duidelijke relatie met zijn medische beroep en het milieu. Later richtte hij zich meer op maatschappelijke ontwikkelingen en het laatste decennium op het leven en de vergankelijkheid. Zijn schilderijen variëren van realisme tot surrealisme om een bepaalde gedachte vorm te geven. “Vooral de ons omringende natuur verrukt me telkens weer door haar wonderlijke verschijningsvormen en boeiende structuren.”

Frans van der Veen(1935), lid sinds 1962. Kwam in het culturele circuit terecht als directeur van Schouwburg Ogterop te Meppel en de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. Schreef boeken en essays over kunst en kunstenaars in Drenthe, gaf les aan Academie Minerva. Als kunstenaar ontwikkelde hij zich van expressionisme naar abstractie. Schildert huizen zonder ramen en ontdaan van toevalligheden. “Van elke honderd schilderijen zijn er misschien maar tien waardig om naar te kijken.”

Geert de Weerd(1936), lid sinds 2002. Wad en water zijn zijn inspiratiebron, daar waar de wereld ophoudt, op de grens van land en water. Ging jarenlang met een Maleisische jonk het Wad op en voer tot in de Oostzee. Doet ook iets met de Bronstijd, want hij maakte lang wetenschappelijke tekeningen voor het Biologisch Archeologisch Instituut van gebruiksvoorwerpen, die verre voorouders zo’n 3500 jaar geleden hebben vastgehouden. “Vaak zit ik zo vol indrukken, die moet ik dan verteren, net een heremietkreeft, die langzaam zijn buit oppeuzelt.”

Alfred Hafkenscheid(1936), lid sinds 1971. Diep weggeborgen in zichzelf staan of sjokken zijn gestalten doelloos, hologig, zonder besef van hun omgeving of van zichzelf. Vaak naakt of op kille tegelvloeren. Wat je ziet is het kale en uitzichtloze bestaan. “Er zit iets in de spiegel, maar niemand weet wat. Je komt er niet achter wat het is, hoe je ook kijkt.”