Schoon Vuig

24 augustus 10:03

Egbert Hovenkamp II is TaalWever, Impressionistisch Dichter en TerPlekkePoeet. Tussen 2008 en 2010 was Hovenkamp II Asser stadsdichter. Hij begon met schrijven toen hij merkte dat woorden kunnen spreken. Zijn poeemen bewegen, schoon en doorspekt met eigengereid taalgebruik en bevlogenheid. Melvin Bonnet presenteert zich als cabareteske troubadour en schrijver van kutliedjes.  De Assenaar is huistroubadour in de maandelijkse talkshow Stand van Stad op OOG-TV. Zijn teksten zijn vies, grof en satirisch. Zelfspot, leedvermaak en ironie kenmerken zijn liedjes. Ze gaan over alledaagse onderwerpen als social media, gejatte fietsen en chocolademelk, maar soms behandelt Melvin meer universele onderwerpen als dood, verderf en mislukte romantiek. Lelijkheid en vuigheid promoveert hij tot kunst. Soms ongemakkelijk, soms hilarisch.

De verschillen tussen de heren zijn groot. Ook hun leeftijden liggen ver uit elkaar. Egbert had Melvins vader kunnen zijn, wat leeftijd betreft. Als stripfiguren ontmoetten Egbert en Melvin elkaar al regelmatig in deze krant, maar ook in het echt zien de twee taalkunstenaars elkaar geregeld. Ze treden vaak samen op.  Zo ontstond een bijzondere vriendschap. Op het Preuvenement spreiden beide heren hun kleinkunst tentoon aan het grote publiek. Een dubbelinterview over vriendschap, kunst en Assen.

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen en hoe is de vriendschap ontstaan?

Egbert:
Ik zou dat echt niet meer exact weten. Wel weet ik dat we vrij vlot daarna al gezamenlijk op gingen treden en, verderop in de tijd, samenwerken, leidend tot BonHov en “2 op 2” en “VersTuin” en “VersMarkt’ en wat ik nog vergeet…

Melvin:
Dat was tijdens een poëzie-gebeuren in Groningen, ergens in 2010. Ik woonde toen nog in Groningen, en het was mijn derde optreden met mijn cabareteske liedjes. Egbert trad daar ook op. We ontdekten meteen onze gezamenlijke link met Maarten van Roozendaal. Pas veel later, in 2014 begonnen we samen op te treden. Het is denk ik ook vooral dankzij Egbert dat ik nu zo actief in Assen ben, want voor die tijd speelde ik nooit in Assen.

Hoe zou jij Melvin/Egbert omschrijven?

Egbert:
Melvin is een creatieve geest, die slijpt en slijpt tot hij komt tot wat en hoe hij het zeggen wil. Hij staat in de Traditie van Joop Visser, Maarten van Roozendaal en Jeroen van Merwijk en los van dat gaat hij zijn eigen, unieke gang door het leven; struikelend, vallend, opstaand, bijtend, grijnzend.

Melvin
Egbert wordt weleens omschreven als een oude hippie, en dat laat hij zich ook graag aanleunen. Maar in werkelijkheid is Egbert iemand die heel erg in het ‘nu’ leeft. Dat merk je ook aan zijn teksten. Die ontstaan ter plekke vanuit dat wat Egbert op dat moment aanvoelt.

Er zit nogal wat leeftijdsverschil tussen jullie. Hoe is het om zo’n oude/jonge vriend te hebben?

Egbert:
Daar is in wezen niets vreemds aan, omdat op het creatieve vlak leeftijd, geleefde tijd, er niet toe- of afdoet. Als de geest maar waait en levend en levendig blijft!

Melvin:
Ik merk dat verschil niet echt eigenlijk. Hooguit fiets ik wat sneller en wordt Egbert wat sneller dronken van wijn…

Hoe zou jij de vriendschap typeren?

Egbert:
De vriendschap is er 1 van, ja, toch wel, respect en waarde-ering, we lachen samen, hebben goede gesprekken en weten elkaar te vinden.

Melvin:
Als twee jongens die nog steeds aan het spijbelen zijn.

Ook in jullie kunstuitingen zit een groot verschil. Wat is kunst volgens jou?

Egbert:
Kunst is volgens mij een vertraging toepassen op het leven, met andere woorden; een kunstvorm, leven-namaak laten worden

Melvin:
Kunst is voor mij een spel, een web, van betekenissen, verbanden, verhalen, opvattingen, gevoelens die enkel in die vorm waarin ze uitgedrukt zijn uitgedrukt kunnen worden. Kunst moet niets: het hoeft geen praktisch doel te dienen, het hoeft niet veel waard te zijn of geld op te leveren, het hoeft niet mooi zijn en het hoeft al helemaal niet veel mensen trekken.

Wat wil jij uiten met jouw kunst?

Egbert:
Met ‘mijn’ kunst uit ik mij én het leven om mij heen. Voor het overgrote deel laat ik gebeuren. Ik noem mij geen dichter, ik neem niet deel aan de literaire industrie, ik noem mezelf en ben dat dan ook; Taal Wever. Ook ben ik bij diverse gelegenheden (concerten, inrichten van exposities, samenkomsten e.d.), aanwezig en laat daar schrijven gebeuren, dankzij en ondanks mij, dat doende noem ik: TerPlekkePoeet – ik laat taal ontstaan en opstaan, gevoed door/geïnspireerd door wat om me is, sluit mezelf buiten en laat de gebeurtenis tot spreken komen; intuïtief en vol vertrouwen.

Melvin:
Ik denk niet dat wat ik schrijf, speel en teken een uitkomst is van wat ik wil of wat ik dacht dat de bedoeling was. Toen ik begon met liedjes schrijven wilde ik een soort singer/songwriter zoals John Lennon of Mark Oliver Everett van Eels worden, met melodramatische liedjes in het Engels en dan heel mooi zingen. Maar uiteindelijk ben ik een heel ander soort liedschrijver geworden. Ik wil dat echt niet hoor, kutliedjes schrijven. Maar dat is nu eenmaal wat er uitkomt – en dat zegt eveneveel over mij als over de wereld waar we in leven. Als kunstenaar heb je niet zoveel te willen.

Wat vind je van de kunst die Egbert/Melvin creëert?

Egbert:
Melvin maakt liedjes over lelijkheid, niet lelijk in de zin van die ons wordt voorgekauwd door de Dikke Van Dale, maar onvolkomenheden en de voorliefde daarvoor. Hij gebruikt onverwachte zwenkingen die leiden tot lachen of ongemakkelijkheid of irritatie bij de luisteraars.

Melvin:
Egbert is een romantisch taalkunstenaar, een gevoelsmens. Als Egbert schrijft, dan vloeit er iets uit Egbert over het papier zonder haperingen. Er ontstaat dan een structuur in taal die niet gebonden is aan regels, ego of dergelijke zaken. Daar ben ik soms best jaloers op, omdat ik het tegenovergestelde ben: een piekeraar, een knutselaar, een uitdager. Egbert is ook een goed podiumkunstenaar, maar misschien nog wel meer een stemkunstenaar. Egbert heeft een hele mooie stem, die ik dan ook graag gebruik in animaties die ik maak.

Hoe staat het er volgens jou voor met de (klein)kunst in Assen?

Egbert:
Een mening daarover heb ik niet, omdat ik geen graadmeter heb m.b.t. hoe het zou moeten (zijn). Met name DeFKa/SMAHK waarde-eer ik, omdat ze laten zien wat er in kunst mogelijk is, wat er als kunst geboren is. Onbescheiden noem ik Melvin en mijn initiatief ‘2 op 2’ als podium (nu in Zuidhaege, d.w.z. m.i.v. september) waar een zeer ruime variëteit aan poëzie en muziek gebeurt en waar veeeeel meer mensen van zouden kunnen komen genieten dan tot dusver!

Melvin:
Deze vraag moet ik op twee manieren beantwoorden, omdat onze politici en ondernemers altijd roepen dat het allemaal best goed gaat. En het gaat ook allemaal goed, maar dan hebben we het over grote bezoekersaantallen en een hoge omzet. Culturele succesverhalen genoeg in Assen: een voor velen geweldig TT-festival, een goed lopend Drents Museum dat bij de betere musea van het land behoort, een goed lopende bibliotheek, etc. Maar dan hebben we het niet zozeer over kunst, maar over cultuur en vermaak. Dan ziet het er allemaal goed uit. Maar hebben we het over kunst zelf – over de kunstenaars, het werk dat ze maken en de rol die dat speelt en een bredere culturele context, en de structuren die Assen als stad biedt om dat te ontwikkelen – dan denk ik dat we er niet echt goed voor staan. Assen is een mooie stad voor consumentenkunst, niet voor kunst zelf. Behalve als je kutliedjes schrijft, dan heb je inspiratie genoeg.

Wat vind je ervan om op het Preuvenement geprogrammeerd te staan?

Egbert:
Om geprogrammeerd te staan op het Preuvenement is niet anders dan waar dan ook op een podium te mogen/kunnen staan. Het staan op een podium en de flow in te stappen (die gebeurt wanneer de luisteraars/kijkers zich (ook) open durven te stellen) is heerlijk en een prettige reis!

Melvin:
Daar kijk ik erg naar uit! Vorig jaar was erg mooi, maar toen was ik bezoeker. Ik heb nog
heel even op het podium gestaan met Yentl en de Boer, maar dat was puur toeval. Nu mag ik er zelf spelen, en daar heb ik enorm veel zin in. Ik vind het Preuvenement één van de leukste evenementen in Assen

Nog een laatste woord?

Egbert:
Dat zijn er een aantal: verder en voort, ten allen tijde, overalom…….

Melvin:
Nou, dan zou ik graag een lans willen breken voor de stadsstrip, Bonnetc. Dat is ook iets wat voort vloeide is uit de samenwerking met Egbert. Het idee is om wekelijks  tekeningen te maken over gebeurtenissen in Assen of karikaturen van prominente Assenaren. In Amsterdam hebben ze een stadstekenaar, en er is een stad in België die een stadsstriptekenaar heeft, maar er zijn geloof ik niet veel steden met een echte stadsstrip. Daarin lopen wij voor op een stad als Groningen. 😉