Assen toen en nu

1 december 15:58

Slechts uit enkele boerderijen bestond Assen, toen de nonnen uit het Klooster Maria in Campis zich hier in 1259 vestigden. Het klooster stond oorspronkelijk in de buurt van Coevorden. Vanwege de slechte ligging – moerasgrond – verhuisde de abdij naar een betere en meer hoger gelegen plek. Het klooster stond waar nu het Drents Museum is. In de zuidmuur van de Abdijkerk van het Drents Museum en de westelijke muur van het Drents Archief zitten nog stukken muur uit de kloostertijd.

Het klooster werd in 1602 opgeheven. Het hoofdgebouw werd in gebruik genomen als vergaderplaats voor onder meer het College van Gedeputeerden. Pas in de 17e eeuw ontstond er een echt dorp binnen de singels. Laat in de 18e eeuw werd er buiten de singels gebouwd. Huize Overcingel (over de singel) is een mooi voorbeeld hiervan. Hoewel er tekenen en vondsten zijn van leven van Neanderthalers tussen 80.000 en 55.000 jaar geleden, hanteert Assen het jaar 1259 met de vestiging van het klooster Maria in Campis als geboortejaar.

Assen is een stad. Koning Lodewijk Napoleon verleende op 13 maart 1809 in het Ontvangershuis aan de Brink in Assen stadsrechten aan het dorp Assen. De plaats telde toen slechts 150 huizen en minder dan 700 inwoners. Lodewijk Napoleon gebruikte de stadsrechten om belangrijke steden onder controle te krijgen of houden. De koning benoemde de leden van het stadsbestuur. In Assen waren dat familieleden en vertrouwelingen van landdrost Petrus Hofstede. Assen zou zijn benoeming gebruiken om zich de hoofdstád van Drenthe te kunnen noemen.